Eind oktober vertelde Alexander Pechtold op een jubileumcongres van D66 vol bravoure dat D66 al jaren de grootste progressieve partij van Nederland is. Hij voegde daar aan toe dat hij er voor gaat zorgen dat het zo blijft. Deze belofte werd vorige week verbroken toen D66 haar kandidatenlijst voor de TweedeKamer presenteerde. Wie een blik daarop werpt kan namelijk constateren dat er geen enkele biculturele Nederlander in de top 10 van deze kandidatenlijst te vinden is. Hoe kun je jezelf als progressief beschouwen als je geen afspiegeling van de samenleving bent of geen poging doet om een afspiegeling van de samenleving te zijn?

Met totaal zeven niet-witte Nederlanders op de kandidatenlijst doet D66 het desondanks aanzienlijk beter dan het CDA bijvoorbeeld. Een andere middenpartij die slechts twee biculturele Nederlanders op de kandidatenlijst had. Bij het CDA stond maar één biculturele Nederlander op een realistisch verkiesbare plek. Toch geldt hetzelfde ook voor D66. Als er nu verkiezingen zouden plaats vinden dan zou er slechts één kamerlid met een biculturele achtergrond namens D66 in de TweedeKamer kamer in komen (volgens de peil.nl). Salima Belhaj die op plek nummer 15 van de kandidatenlijst staat.

Een veel gehoorde excuus voor het gebrek aan etnisch diversiteit in het parlement is dat selectiecommissies van politieke partijen puur naar kwaliteit en niet naar afkomst kijken. Voor D66 klopt deze stelling niet omdat de partij over het hele land rijk aan biculturele talenten is. Daarnaast kun je je afvragen of wit synoniem voor kwaliteit is. Selecteren op kwaliteit betekent in de praktijk dat men bepaalde keuzes maakt die talenten van kleur uitsluiten.

De lijst heeft een exclusief karakter.

Zo worden verkiesbare plekken op de kandidatenlijst gevuld door bestaande kamerleden en lokale gezichten uit grote steden. Met op nummer 3 Ingrid van Engelshoven (wethouder in Den Haag), op nummer 8 Jan Paternotte (fractievoorzitter D66 in Amsterdam). Op nummer 12 Rob Jetten en op nummer 13 Jessica van Eijs (respectievelijk fractievoorzitters van D66 in Nijmegen en Eindhoven). Een opmerkelijke patroon voor een zelfverklaard liberale partij die als slogan ‘kansen voor iedereen’ heeft. Welke kansen heeft D66 het over als blijkt dat mensen die namens die partij in de TweedeKamer gaan allemaal hetzelfde profiel hebben?

Het is ook opmerkelijk dat vijf van de acht biculturele Nederlanders elkaar op de lijst achtervolgen op onverkiesbare plekken (van plek 34 tot met plek 38). Op plek 34 Noureddine Zarroy (Fractievoorzitter D66 te Helmond), Op plek 35 Noëlle Sanders (Raadslid te Amersfoort), op 36 Rachid Guernaoui (Raadslid Den Haag), op 37 Mpanzu Bamenga( Raadslid te Eindhoven) en Hülya Kat (Raadslid te Velsen). Bestaat er een magisch algoritme die besloot deze biculturele talenten allemaal op deze lelijke plekken te plaatsten? De D66-kandidatenlijst lijkt wel op een prive-feestje waar biculturele Nederlanders welkom zijn op voorwaarde dat ze in een geïsoleerd hokje buiten de schijnwerpers blijven. Op deze manier mist niet alleen D66 kleurrijk talenten, Nederland wordt daar ook de dupe van.

Nederland en D66 verdienen beter representatie. Het is nu aan D66-leden om het taai te keren. Zij kunnen via de interne verkiezing de lijst tot 21 november beïnvloeden. Zij kunnen ook de partijtop om transparantie vragen over de totstandkoming van kandidatenlijst. Een partij die voor gelijke kansen vecht in de samenleving moet vooral ook intern aan gelijke kansen werken. Helemaal als deze partij met trots zichzelf als de grootste progressieve partij van Nederland beschouwt. Dat heet consistentie en geloofwaardigheid.